Normale spraak- en taalontwikkeling

ill poster de ontwikkeling van taal-page-001Om na te gaan of een spraak- en taalontwikkeling gemiddeld verloopt zijn bijgaande lijsten goede hulpmiddelen.

‘Groninger minimum spreeknormen’ (Mevr. Goorhuis-Brouwer)

0 – 1 jaar
Huilen, lachen en kraaien
Spelen met de stem, lippen, tong en gehemelte (voorbeelden: ‘ah’, ‘eh’)
Luisteren naar de stem van mama en kijken naar haar mond
Brabbelpatroontjes worden steeds langer en ingewikkelder (voorbeelden: ‘baba’, ‘dadada’).

1 jaar
Veel en gevarieerd ‘brabbelen’
De klanken zijn, afhankelijk van de voorkeur voor het bewegen, gemaakt met de lippen, tong of het gehemelte.
Brabbelen wordt steeds meer een manier om contact te maken.

1 ½ jaar
Het kind kent tenminste 5 woordjes (voorbeelden: ‘mama’, ‘papa’ , ‘eten’, …).
De woordopbouw is nog onvolledig (voorbeelden: ‘paard’ = ‘taat’, ‘paraplu’ = ‘papu’).
De verschillende klanken kunnen nog ‘neuzig’ zijn. Zowel orale als nasale ( klinken door de neus) klanken komen voor.

2 jaar
Het kind spreekt in zinnen van twee woordjes (voorbeelden: ‘koek hebben’, ‘poes ook’, …).
De woordopbouw is vaak onvolledig (voorbeelden: ‘stoel’ = ‘toe’, ‘boterham’ = ‘bopam’).
Verschillende klanken kunnen nog ‘neuzig’ zijn. Zowel orale als nasale klanken komen voor.
Hiernaast gebruikt het kind brabbels en éénwoorduitingen.

3 jaar
Het kind spreekt in zinnetjes van drie tot vijf woorden.
Deze zinnetjes hebben nog weinig grammaticale structuur. De opbouw van de zinnetjes wijkt nog sterk af van die van volwassenen.
Opvallende nasaliteit is nu meestal verdwenen. De ‘neuzige’ klanken komen nu meestal niet meer voor.
50% tot 70% van wat het kind op deze leeftijd zegt, is verstaanbaar voor anderen.

4 jaar
Het kind spreekt in enkelvoudige zinnetjes.
De zinsbouw is al beter maar er zijn vaak nog problemen met het meervoud en de vervoegingen van het werkwoord.
75% tot 90% van wat het kind zegt, is voor anderen verstaanbaar. Bij ‘verstaanbaarheid’ moet u vooral denken aan het helder en duidelijk uitspreken van woorden.

5 jaar
Het kind gebruikt nu goedgevormde, ook samengestelde zinnen.
De zinslengte en woordvolgorde gaan steeds meer lijken op de taal van volwassenen, maar het taalgebruik is vaak nog concreet.
Meer dan 90% wat het kind zegt, is verstaanbaar.

Gereviseerde Minimum Spreeknormen (dissertatie van A.L. Keegstra)
12-18 maanden Begrijpt opdrachtjes met twee woorden. Kan een of meer lichaamsdelen aanwijzen Veel en gevarieerd brabbelen met af en toe een herkenbaar woord
18 – 24 maanden 5 – 10 woordjes
2;0 – 2;6 jaar Begrijpt zinnetjes van drie woorden, Tweewoorduitingen; woordopbouw nog onvolledig
2;6 – 3;0 jaar Driewoorduitingen; woordopbouw nog onvolledig
3;0 – 3;6 jaar Drie tot vijfwoord uitingen, Ongeveer de helft is verstaanbaar
3;6 – 4;0 jaar Vertelt spontaan wel eens een verhaaltje, 50 – 70% verstaanbaar
4;0 – 5;6 jaar Kan een verhaaltje navertellen aan de hand van plaatjes, Enkelvoudige zinnen; problemen met meervoudsvormen en vervoegingen
75 – 90% verstaanbaar
>5;6 jaar Goed gevormde, ook samengestelde zinnen, Goed verstaanbaar, Concreet taalgebruik,
Woordenschat kwantitatief ( = het aantal woorden dat gekend wordt)
– 6 jaar: 6000 tot 14.000 woorden passief
– 10 jaar: 20.000 woorden passief
– 15 jaar: 30.000 woorden passief
Woordenschat kwalitatief (= het aantal woorden dat gebruikt wordt)
– Vanaf 5 jaar: basisbegrippen aanwezig
– Vanaf 10 jaar begrip dubbele functies van woorden
– Vanaf 15 jaar begrip relatie tussen 2 betekenissen in woorden met een dubbele functie
Morfosyntactisch (= de vorm van de gebruikte woorden)
– 9 – 10 jaar: correct gebruik werkwoorden in verleden- en voltooide tijd
– 10 – 13 jaar grote groei in begrip van de afegeleide vormen van de grondvorm van het woord, nog geen volledig begrip
– Vanaf 7 jaar ontwikkelt het begrip voegwoorden zich geleidelijk, nog niet voltooid met 12 jaar
Pragmatiek
– 4 – 6 jaar: verklaring geven
– 4 – 7 jaar: instructie geven
– 4 – 8 jaar: verzoek om uitleg, vragen om informatie
– Vanaf 5 jaar: geven van uitleg
– 5 – 6 jaar: hint geven
– 7- 12 jaar: hypothese stellen
– 8 – 12 jaar: ontwikkeling doen van een verzoek
– Adolescenten: onderhandelen

Wilt u verder lezen? Raadpleeg dan onderstaande links voor meer informatie:

Overzicht van de spraak / taalontwikkeling van 0 – 7 jaar

Overzicht van de taalontwikkeling van 0 tot 4 jaar met tips en adviezen

Informatie over de taalontwikkeling van kinderen tussen 0 en 4 jaar met tips om de taalontwikkeling te stimuleren

spraak- en taalontwikkeling van 4 tot 12 jaar, gericht op ouders

Downloaden / lezen: folder taalontwikkeling bij baby’s, peuters en kleuters

Downloaden / lezen: meertaligheid en de taalontwikkeling van kinderen

Downloaden / lezen: de ontwikkeling van taal